Beste Limnologen,
Laten we beginnen met een tussentijdse samenvatting van de feiten tot dusver, opdat het overzicht bewaard wordt en het de algehele leerzaamheid ten goede zal komen, immers; herhaling is de kracht van reclame:

Water van 4 graden Celcius heeft de grootste dichtheid. Dit water zal daarom naar de bodem zakken. Water wat warmer of kouder is dan 4 graden Celsius is dus lichter en stijgt op.

Als gevolg van de relatief kleine watervolumes in onze vijvers en het rondpompen van het water van (als het goed is) de gehele inhoud minstens om de drie uur, kennen ze geen temperatuursverschillen in waterlagen.

De waterlagen in onze vijvers hebben nagenoeg het hele jaar door dezelfde temperatuur. Dit word ook wel een isothermaal genoemd.

In onze vijvers is geen sprake van een thermocline of thermale stratificatie.

Een zijdrain heeft thermaal gezien geen meerwaarde in een koivijver
Tevens wil ik de deelnemers aan deze topic bedanken voor hun inzet tot dusverre. Ik kende het bewuste artikel niet Dennis, erg leerzaam.
Fred en immiopdebank tonen aan dat de verschillen nagenoeg niet aanwezig zijn.
Het is interessant om te lezen hoe verscheidene invalshoeken/ interpretaties vanuit verschillende disciplines, theoretische hypotheses, natuurkundig, logica en praktijkvoorbeelden eenzelfde onderwerp kunnen belichten en elkaar kruizen, zowel overeenkomsten en verschillen vertonende. Al zal de praktische beoging voor ons als praktiserende hobbyisten nog het meest een leidraad zijn, in zijn geheel zal een dergelijke discussie bijdragen aan het beter begrijpen van het natte natuurelement waarin onze gevinde vrienden hun leefmilieu vinden.
Dan nu terzake:
Want zoals reeds aangegeven heersen mij nog vraagtekens omtrent zweefvuil. Hoe anticipeert zweefvuil op de continue doorstroming in onze vijvers. Blijft zij evenzeer vermengd of blijft zij ergens 'hangen' door haar eigen atomisch gewicht en is het daarom beter ook een wanddrain te gebruiken om de vijver in optimale helderheid te verkrijgen?
Om hierop een antwoord te krijgen lijkt het mij het beste gewoon vooraan te beginnen. Namelijk: Wat is zweefvuil, met een mooi woord suspensie?
Wat zijn nu eigenlijk die zwevende deeltjes in ons vijverwater. Als we ze niet belichten zijn ze nauwelijks zichtbaar. Het lijkt net stof in je woonkamer. Je ziet het meestal niet maar wanneer de zon op een schemerige dag je woonkamer binnenvalt lijkt het alsof het één en al stofdeeltjes zijn wat je inademd. maar in het water hebben we toch geen last van stof en waar komt dat nou toch in godsnaam vandaan?
Een eerste ingeving zegt dat we te maken hebben met de kleinste vorm van afbrokkeling van voedsel en uitwerpselen van koi. Onherroepelijk zal dit een gedeelte zijn van de zwevende deeltjes in onze vijvers maar misschien is het meer? Als ik mijn gedachte hier kort over buig kom ik tot de volgende opsomming, waarbij het in de benoemingen natuurlijk gaat om gescheurde, verbrokkelde of versplinterde microndeeltjes van het genoemde

uitwerpselen van nekton (nekton omvat onze koi, maar ook insecten muggelarven, salamanders, enz.)

ongenuttigd voedsel

(afgestorven) algen = fytoplanton

Modder (veelal omgewoeld

extralimnisch (invloeden van buiten de vijver als vogelpoep en ingewaaid stof)
Deze deeltjes zullen onherroepelijk weer aanhechtingsoppervlak vormen voor bacteriën. Dit is een van de grootste redenen warom we dit willen filteren zodat schadelijke bacteriën als cryptosporidium (protozo) geen kans krijgen onze vissenbestand letterlijk en figuurlijk te verzieken. Daarnaast verstrooit deze suspensie het licht dat in onze vijvers valt en des te meer we deze suspensie kunnen verminderen des te beter kan het licht het water invallen en zo de helderheid bevorderen.
Maar hoe gedraagt deze suspensie zich dan in onze vijvers?
Hoeveel zwevende deeltjes (de concentratie) zich op een bepaalde plaats en tijd in het oppervlaktewater bevindt hangt in belangrijke mate af van transport en menging. Als water stroomt dan worden de opgeloste en zwevende deeltjes ook verplaatst.
Op dit moment heb ik nog geen antwoord, op basis van verkregene en het toepassen van logica kan ik wel het volgende stellen:
De bacteriën die zich hechten aan de suspensie nemen zuurstof op waardoor de deeltjes in het water zullen stijgen, echter onderhevig aan hun eigen anatomisch gewicht zullen ze zinken. Stroming en beweging in het water o.a. veroorzaakt door pompen, vissen en wind zullen zorgen dat de suspensie in het water in een bepaalde mate wordt vermengd. De zwaarste deeltjes zullen zinken de lichtse zullen naar de oppervlakte stijgen, echter er zijn ook deeltjs die niet bezinken of naar de oppervlakte stijgen. Dit zijn de daadwerkelijke zwevende deeltjes. In onze vijvers woren ze gelijkmatig verdeeld door het bewegende water en eigenlijk zie ik in mijn vijver in alle waar te nemen lagen (middels raam) dezelfde concentratie suspensie (althans voor zover door het oog waar te nemen). Ik neig naar een lichte sympathie ten faveure van onze zijdrain...... hard maken kan ik het nog niet...
Hoe denken jullie erover?

Met vriendelijke groet,
Tiebo Jacobs