Home arrow Koi Base arrow KoiFlits arrow Alan Coogan: de 'koifluisteraar'
  • Dutch
  • English
  • German
Advertisement
Advertisement
Laatste Forum Berichten
Nachrichten
Suchen
Alan Coogan: de 'koifluisteraar' PDF Drucken E-Mail
Geschrieben von Dennis Barten   
Tuesday, 22 April 2008

Alan Coogan, één van de meest prominente koihobbyisten uit Europa, voelde zich niet geroepen om het wiel opnieuw uit te vinden. Zijn vijver komt daarom dicht in de buurt van een Japanse moddervijver. Dat je daardoor de vissen nauwelijks kan zien, baart Alan geen zorgen. “De vijver is er voor mijn vissen, en niet voor haar toeschouwers.” Een portret van de koifluisteraar.

Alan Coogan is geen onbekende van de vereniging. Zo leerden we hem kennen bij de eerste editie van De Nationale Koi- en Vijverdagen, waar hij in 2003 als hoofd van de Engelse jury optrad. In de jaren die volgden, is hij steeds in meer of mindere mate bij het evenement betrokken geweest. Vanaf begin vorig jaar maakt hij bovendien deel uit van de redactie en zijn er al verschillende van zijn columns in Koi Wijzer verschenen. Zo ook in deze editie. Op pagina 36 leest u De geest van Kobayashi.

Wie is Alan Coogan?
Maar wie ís Alan Coogan nu eigenlijk, en waarom wordt hij door vrienden en bekenden ook wel de ‘koifluisteraar’ genoemd? Omdat hij een gerenommeerd jurylid is van de British Koi Keepers’ Society (BKKS)? En hij bovendien een belangrijke rol speelt bij het opleiden van andere keurmeesters? Ja, zonder twijfel. Maar ook omdat de bekende kwekers Masaru Saito en Toshio Sakai tot zijn vaste vriendenkring behoren, en hij ten minste drie maanden per jaar in Japan verblijft. Verder verwijst zijn bijnaam subtiel naar een leven met het racepaard.

Op uitnodiging van Alan en zijn vrouw Janet bezocht ik in de zomer van 2006 zijn landgoed in de buurt van het Britse Newmarket, dat door paardenkenners als hoofdstad van de hippische wereld wordt beschouwd. En dat is zeker geen toeval. Want naast Koi hebben de Coogans nog een andere passie: racepaarden. Jarenlang is Alan een succesvol racejockey geweest. Zijn leeftijd staat hem dat nu niet meer toe, maar nog altijd draait een belangrijk deel van zijn leven om dit edele dier.

Zo heeft hij er een professie van gemaakt om met zijn paarden en die van anderen te ‘fluisteren’. Dat wil zeggen dat hij met paarden contact kan maken en het engelengeduld heeft om ze tot succesvolle racepaarden te laten uitgroeien. Eén van zijn bekendste paarden heet ‘Matsunosuke’. Het is het persoonlijke renpaard van Toshio Sakai, dat naar zijn invloedrijke Matsunosuke-bloedlijn is vernoemd. “Het is fantastisch om te horen hoeveel moeite Engelse sportcommentatoren soms hebben met het correct uitspreken van de naam van dit volbloed. Meestal zijn ze bij de tweede lettergreep al lang en breed gestruikeld”, grapt Alan.

Geen ‘mensenvijver’
Wanneer Alan me naar zijn uitgestrekte achterland leidt, maakt hij me duidelijk dat hij weinig op heeft met de heldere showvijvers die hij bij de meeste hobbyisten ziet. Het is niet dat hij twijfelt aan de goede bedoelingen van deze grote groep koihouders, hij denkt alleen dat er doorgaans te weinig wordt gedaan met de kennis die in Japan voor het oprapen ligt. Een heldere vijver komt volgens hem niet overeen met de eisen die een karper aan zijn omgeving stelt. “Als het even kan, wroet een karper de hele dag in de modder. Niet voor niets vind je ze het meeste in troebele wateren”, onderbouwt Coogan zijn stelling.

Toen Alan na vele bezoeken aan Japan tot dit inzicht was gekomen, bouwde hij zijn vijver naar het voorbeeld van mudponds zoals je die ook in Niigata kunt vinden. Hij wilde een vissenvijver bouwen, geen mensenvijver. Wat Alan precies onder een vissenvijver verstaat, zou hij later verduidelijken. Maar eerst vroeg ik hem naar zijn begintijd.

Lokaal tuincentrum
Alan weet nog goed hoe het in 1988 begon. In een lokaal tuincentrum stuitte hij per toeval op een stel vrolijk gekleurde karpers, waarop hij terstond besloot om ze in zijn kleine siervijver uit te zetten. Dit kon natuurlijk niet lang goed gaan: de onfortuinlijke Koi legden al snel het loodje. Coogan liet het er echter niet bij zitten. Hij zocht contact met de BKKS, de Engelse koivereniging, waar hij in gesprek kwam met oprechte liefhebbers, die niet te beroerd waren om beginners een helpende hand te bieden. “In het begin dacht ik dat deze mensen uit het gekkenhuis waren ontsnapt. Zo waren er de dwaze wetenschappers, die me tot in detail vertelden hoe ammonium via nitriet naar nitraat wordt omgezet. En de onverstaanbare Japan-dodo’s, die termen als sumi en kuchibeni bezigden alsof het de normáálste zaak van de wereld was. Hoewel ik me erg met deze mensen heb vermaakt, zei ik aan het eind van de dag tegen mijn vrouw dat als ik ooit zoals hen zou worden, ze me met een hard voorwerp op m’n hoofd moest slaan…”

Dat mocht echter niet baten. Want langzaam maar zeker groeide Coogan uit tot een vaste waarde binnen de Engelse vereniging. Hij volgde een opleiding tot jurylid en trad als zodanig op bij vele koishows in binnen- en buitenland. Inmiddels geeft hij intensieve trainingen aan zowel het Health Standards Committee (HSC) als het Judging Standards Committee (JSC). Het laatste orgaan is betrokken bij het opleiden van nieuwe juryleden, het eerste houdt zich vooral bezig met het vergroten van de kennis van vrijwilligers van The National, de nationale koishow van de BKKS.


Alan's vijver, met op de achtergrond zijn koihuis

Shintaro en Sakai
De meeste kennis over Koi heeft Alan opgedaan tijdens zijn reizen naar Japan. Zijn contacten met topkwekers als Masaru Saito (Shintaro) en Toshio Sakai groeiden langzaam maar zeker uit tot hechte en unieke vriendschappen. Gedurende de ongeveer drie maanden waarin hij nu jaarlijks in Japan verblijft, ‘logeert’ hij zelfs bij Saito-san. “Hoewel Japanners bekend staan om hun gastvrijheid, zijn vriendschappen met een buitenlander, zoals die tussen mij en Saito-san of Sakai, een zeldzaamheid. Mijn vriendschappelijke relatie met beide kwekers heeft dan ook deuren geopend die voor de meeste liefhebbers altijd wel gesloten zullen blijven. Zo help ik beide kwekers met enige regelmaat bij het selecteren van Koi en bij de jaarlijkse herfstoogst (ikeage). Bij Shintaro vorm ik als westerling misschien geen uitzondering, hij biedt immers wel vaker buitenlanders aan om bij de oogst te helpen, bij Sakai ben ik dat zeker wel. Ik ben tot dusver de enige niet-Japanner die toegang heeft tot de moddervijvers van de meester”, aldus Coogan, die daarbij benadrukt dat de Japanse kwekers verre van onbereidwillig zijn om hun kennis met anderen te delen. “De taal vormt echter een belangrijke barrière. Ik hecht er daarom veel waarde aan om het ‘woord van de kwekers’ verder te verspreiden.”

Toshio Sakai, volgens Alan de beste kweker ter wereld, noemt hij een geniale man. “He can see parents,” zegt Alan, die daarmee bedoelt dat Toshio de gave heeft om geschikte moederdieren te herkennen, maar ook precies kan voorspellen welke koppels succesvolle broedsels zullen opleveren. Moederdieren, zelfs die van Sakai, zijn vaak niet om aan te zien.

“Toshio Sakai, volgens Alan de beste kweker ter wereld, noemt hij een geniale man.”

Mannetjes vs. vrouwtjes
Over mannetjes en vrouwtjes is Alan heel duidelijk. Beide geslachten verdienen een andere behandeling, al was het alleen maar omdat hun stofwisseling totaal anders is ingericht. Alan doelt hier met name op het te voeren temperatuurverloop en voederregime. Waar (geslachtsrijpe) vrouwtjes elk voorjaar kuit vormen, is de stofwisseling van mannelijke Koi jaarrond vrij constant. Volgens Alan kunnen we van deze zekerheden gebruikmaken.

“Als vrouwtjes jarenlang zowel ’s zomers als ’s winters op hogere temperaturen worden gehouden, is de kans op kuitproblemen sterk vergroot. Dat is een feit waaraan we maar weinig kunnen veranderen. Wel kunnen we het risico op kuitproblemen verkleinen door vrouwtjes elk jaar een rustperiode te gunnen, zoals de karper dat ook in de vrije natuur gewend is. Evenwel zitten mijn vrouwtjes er ’s winters warmpjes bij. Zo tussen de 16 en 17 ˚C. Nét te koud om ze hard te laten groeien, maar warm genoeg om ze een zachte winter te geven. Om de Koi bovendien te ‘dwingen’ om de aangemaakte eitjes terug op te nemen, worden zij tijdens deze rustperiode nauwelijks gevoerd. Nu heb ik niet het idee dat de vrouwtjeskoi hierdoor minder hard groeien. Integendeel zelfs: gedurende het groeiseizoen blijken de dieren hun ‘achterstand’ razendsnel in te halen.”

Alan vervolgt zijn betoog met zijn adviezen ten aanzien van mannetjeskoi. In zijn vijver wijst hij naar een prachtige Ginrin Showa, en hij vraagt me naar het geslacht. Mij beroepend op de buikpartij roep ik zonder te twijfelen ‘female!’ Maar niets is minder waar. Dit bakbeest is wel degelijk een mannetje. Hoe Alan dit kunstje flikt? Het recept lijkt simpel: “mijn mannetjes zitten eigenlijk altijd wel in een verwarmde vijver, hoewel ik ook hen een matige winterrust bezorg. Van een graad of 26 wordt de temperatuur geleidelijk teruggebracht naar een minimale waarde van 18 ˚C, om vervolgens weer langzaam opgeschroefd te worden. Daarbij worden de Koi het hele jaar door ruim gevoerd. Vrijwel al mijn mannetjeskoi hebben zich zodoende een vrouwelijke lichaamsbouw aangemeten. Die Showa waar ik je op wees, won de eerste prijs in zijn klasse op de National Koi Show 2006. Is dat niet fantastisch?!” Overigens speelt Alan nog elke winter met de optimale temperatuur. Hij realiseert zich immers maar al te goed dat de omstandigheden op de Britse eilanden duidelijk verschillen van de situatie in Japan. Alan vindt het een uitdaging om de gulden middenweg te definiëren.

Moddervijver
Zoals reeds in de inleiding werd benadrukt, doet de vijver van de familie Coogan aan een moddervijver denken. Hij is dan ook naar Japans voorbeeld gebouwd. Enkel de modder ontbreekt. Als we de inhoud van het filter erbij optellen, dan telt de totale vijverinhoud zo’n 750.000 liter. De vijver is met folie bekleed en heeft de vorm van een halve maan. Aldus omarmt de waterpartij de zuidvleugel van het Victoriaans ogende landhuis. Vanuit de woonkamer is er een prachtig uitzicht over de vijver en de tuin, waarin eigenschappen van de Engelse school te herkennen zijn. Accessoires zorgen hier en daar voor het oosterse accent. Prominent is de op een theehuis lijkende pergola, die de watertuin met het achterliggende stuk land verbindt. Verder is ook de waterval opvallend. Het maakt deel uit van Alan’s circulatiesysteem dat het koihuis met de vijver verbindt. In Koi Wijzer 30 komen we hier nog uitgebreid op terug.

De plas water wordt omringd door een vlonder van geribbeld hardhout. Die is er vooral uit het oogpunt van bereikbaarheid gekomen. Alan vind zijn vissen immers belangrijker dan de aankleding van de vijver. De borders op de achtergrond zijn rijkelijk beplant met onder meer bamboe, siergrassen, palmen en Cordylines. Ze geven het geheel een besloten sfeer.

Op de vraag waarom Alan de omstandigheden van een moddervijver probeert na te streven, antwoordt hij resoluut: “omdat menig Koi vanaf het moment van aankoop ‘downhill’ gaat. Het ongetrainde oog ziet wellicht nog geen verschil, maar als je deze exemplaren vergelijkt met Koi die net uit een moddervijver zijn gevist, dan weet je wel beter. Die kwaliteit is werkelijk on-ge-kend en kun je onmogelijk in een steriele vijver behouden, laat staan bereiken! Dat het water hier zo groen als gras is, is dus een doelbewuste keuze. En kijk eens naar de vissen. Ze voelen zich als goden in Frankrijk. Weliswaar hebben ze de hele dag te eten, nog altijd duikelen ze over elkaar als ik een hand voer in het water gooi. Waar ze het laten, weet ik echt niet. Maar onverzadigbaar zijn ze zeker.”

Levende kunstvorm
Wegdromen is geen kunst bij de vijver van Alan. Hoewel het water behoorlijk groen is, zie je hier en daar een kleurrijke schim voorbijgaan. Rustig en gedecideerd. Het heeft wel iets. Steeds weer zie je een Koi die je nog niet eerder hebt gezien. Maar allemaal zijn ze even mooi.

Ieder mens, ongeacht zijn afkomst, komt tot rust als hij het gedrag van vissen observeert. Volgens Alan komt dat doordat mensen altijd al met vissen hebben geleefd. Het houden van Koi beschouwt hij dan ook als volkomen natuurlijk. En daarnaast als kunstvorm. Niet voor niets weten koihobbyisten andere kunstvormen te waarderen. “Ze houden niet alleen van Koi, maar vaak ook van muziek, mooie bloemen en schilderijen”, denkt Alan. Het koihouden is echter meer dan een kunst alleen. “Het is een uitgebalanceerde mix tussen een ambacht, een kunst en een wetenschap.”

En laten we dit alles aan een aantal rijstboeren uit Niigata te danken hebben. Alan steekt het niet onder stoelen of banken een fan van Niigata - en daarmee de traditionele koi-industrie - te zijn. Het dorp Mushigame, daar waar alles ooit begonnen is, vergelijkt hij vaak met het Engelse plaatsje Newmarket. In Newmarket vind je namelijk de beste fluisteraars, de beste menners en de beste leerlooiers. In Mushigame zie je hetzelfde, maar dan op koigebied. Het behoeft geen betoog dat men in verschillende contexten van elkaar de kunsten afkijkt, en dat ‘concurrentie’ de prestaties van alle partijen aanjaagt. Als men dezelfde ‘taal’ spreekt, dan oefent men direct invloed op elkaar uit. In Niigata spreekt men de taal van de Koi. “Het zit er in de lucht”, zegt Alan dan.

Nog niet uitgeleerd
Als Coogan de koihobby een continu leerproces noemt, stel ik hem een suggestieve vraag. ‘Of hij al is uitgeleerd’. Hij kijkt me vertwijfeld aan en haalt eens diep adem. “Nee, ik zal het je nog sterker vertellen: ik ben pas net aan de eerste etappe begonnen! Aan het begin van de hobby sta je aan de bron van een rivier. Het is dan nog slechts een stroompje en het uitzicht is fantastisch. Je wordt enthousiast en wilt meer ontdekken, maar al snel merk je dat de rivier breder en dieper wordt. Op een gegeven moment kun je de oevers nog maar nét zien en ga je bijna kopje onder. Dat is het moment waarop je inziet dat je eigenlijk nog helemaal niks weet... Op het gebied van paarden heb ik nu misschien een mooi uitzicht over zee, mijn kennis van Koi reikt nog lang niet zover.”

Het artikel De koifluisteraar verscheen ook in Koi Wijzer 29, Keizerrijk Nishikigoi.

Is hiermee je belangstelling voor het magazine Koi Wijzer gewekt? Kijk dan hier voor meer informatie!

Lees ook:
Aoki, Marudo en Coogan in jury
Koi Wijzer 29, Keizerrijk Nishikigoi

 

(C) 2008 www.koi2000.com by Weduwe.COM